Om de baarmoedermond te openen zijn ontsluitingsweeën nodig. De eerste paar centimeters van de ontsluiting nemen de meeste tijd in beslag. De baarmoedermond moet nog soepel worden (verweken) en dunner (verstrijken).
In het begin komen de weeën vaak onregelmatig, maar de baarmoeder trekt zich steeds krachtiger en vaker samen. Het hoofdje van de baby drukt de baarmoedermond millimeter voor millimeter open. Om te beoordelen hoe de ontsluiting vordert, doet de verloskundige of arts regelmatig een inwendig onderzoek.
Hoe lang de ontsluitingsperiode duurt, is niet te voorspellen. Bij een eerste bevalling duurt het vaak langer dan bij een tweede of volgende bevalling.